De regels over lozingen in het Activiteitenbesluit zijn te verdelen in lozingen met activiteitspecifieke voorschriften, lozingen zonder activiteitspecifieke voorschriften en een zorgplichtbepaling en maatwerkmogelijkheid.

Doel- en middelvoorschriften

Voor de milieurelevantere activiteiten en aspecten staan in het Activiteitenbesluit concrete voorschriften. In de voorschriften voor afvalwaterlozingen heeft het Rijk rekening gehouden met de voorkeursvolgorde voor het omgaan met afvalwater (art. 10.29a Wm) en met de beste beschikbare technieken (BBT) om de milieubelasting van de betreffende activiteiten te reduceren. Dat kan in de vorm van:
  • gekwantificeerde doelvoorschriften (zoals emissiegrenswaarden); of
  • concrete middelvoorschriften (zoals de verplichting om een vetafscheider aan te brengen).
Zo geeft het besluit als doelvoorschrift de maximaal toegestane concentratie van een bepaalde stof in afvalwater aan. Hierbij staat ook hoe bemonstering moet plaatsvinden en de te gebruiken analysemethode om de concentratie te bepalen. In de Activiteitenregeling (die hoort bij het besluit) staan middelvoorschriften, bijvoorbeeld voor het type bodembeschermende voorziening bij een tankstation.

Erkende maatregelen

In de Activiteitenregeling staan ook 'erkende maatregelen'. Dit zijn maatregelen waarmee de lozer zeker weet dat hij aan het corresponderende doelvoorschrift in het besluit voldoet. Erkende maatregelen zijn te herkennen aan de formulering “aan artikel x van het besluit wordt in ieder geval voldaan als…”.

Hemel- en grondwaterlozingen

Voor hemel- en grondwaterlozingen zijn er alleen algemene voorschriften en geldt de zorgplicht van het Activiteitenbesluit.

Heeft u suggesties? Laat het ons weten!

Stuur uw suggestie.
Vorige artikel Volgende artikel