Figuur A ESF-m5 en ESF-r3 (Bron: STOWA)Vergroot afbeelding

Fysieke bereikbaarheid van het watersysteem

Ook als aan de basisvoorwaarden voor een goed ecologisch watersysteem met een gezonde flora en fauna is voldaan, kan het zijn dat gewenste soorten toch niet in het systeem voorkomen. Soms ligt dit aan de fysieke bereikbaarheid (ofwel de connectiviteit) van het watersysteem: kunnen de gewenste soorten wel bij het watersysteem komen? De ESF Verspreiding (connectiviteit) brengt de mogelijkheden in kaart voor organismen om zich te verplaatsen van en naar het onderzochte watersysteem. Het gaat over fysieke barrières en over de aanwezigheid van bronpopulaties in de buurt, van waaruit de soort zich kan verspreiden. Dat geldt voor zowel vissen als (de zaden van) planten en macrofauna. Organismen verschillen sterk in hun behoefte en mogelijkheden om zich te verspreiden. Ze verspreiden zich door de lucht, via water of door mee te liften met dieren.

Analyse en instrumenten

Analyseniveaus

Een knelpuntenanalyse voor de verspreiding van organismen kan op verschillende detailniveaus:

  • De quickscan is een globale analyse over een groot gebied die alleen kijkt naar de hoofdgroepen vissen, macrofauna en macrofyten (grotere planten in en langs het water).
  • Een globale analyse zoomt in op knelpunten en maakt onderscheid tussen groepen met dezelfde verspreidingsstrategie, bijvoorbeeld vliegen, laten meedrijven of laten meewaaien.
  • Een nadere analyse op soortniveau kan knelpunten onderscheiden.

Analysestappen

Alle drie de analyseniveaus volgen dezelfde stappen:

  1. Vaststellen voor welke soorten of groepen verbindingen nodig zijn.
  2. Vaststellen tussen welke (deel)gebieden verbindingen nodig zijn.
  3. De mogelijke routes per soortgroep in kaart brengen.
  4. De verwachting met de huidige toestand vergelijken. 
  5. Verklaringen zoeken voor de verschillen tussen verwachting en toestand.

Voor stap 3 is een instrument beschikbaar in ArcGIS. De invoer bestaat uit GIS-bestanden met waterlopen en barrières, zoals stuwen, sluizen en gemalen. Het instrument bevat verspreidingsgegevens per verspreidingsgroep. Als uitkomst toont het de potentiële herkomstgebieden voor de geselecteerde verspreidingsgroep. Het instrument werkt alleen voor macrofyten en macrofauna, niet voor vis. Bij vissen is de schaal van het leefgebied dikwijls groter dan de schaal van het studiegebied (zeker bij trekvissen). In zon geval is dus – in tegenstelling tot macrofyten en macrofauna – geen sprake van een herkomstgebied binnen het studiegebied.

Figuur B Vistrap in de Lek (Bron: Wikimedia, Mark Voorendt (Creative Commons))Vergroot afbeelding

Maatregelen

Als uit de analyse blijkt dat de bereikbaarheid van het watersysteem niet voldoende is om de gestelde ecologische doelen te bereiken, zijn mogelijke maatregelen:

  • sluizen, gemalen en stuwen voorzien van vispassages;
  • visvriendelijke pompen plaatsen in gemalen;
  • planten lokaal aanplanten of zaaien.

N.B. Het verbinden van gebieden brengt soms ook risico's met zich mee. Sommige natuurwaarden zijn juist gebaat bij isolatie, de toevoer kan nutriënten- en/of slibrijk zijn en invasieve exoten en andere ongewenste soorten (blauwalg, brasem) kunnen meegevoerd worden.

Meer informatie

De informatie op deze pagina is gebaseerd op STOWA (2018a)1 en STOWA (2018b)2. Via de STOWA-website zijn meer achtergrondrapporten beschikbaar.


1 STOWA (2018a). Ecologische Sleutelfactoren voor stilstaande en stromende wateren. Informatiebladen. Rapport 2018-24, STOWA, Amersfoort.
2 STOWA (2018b). Ecologische sleutelfactoren Verspreiding en Connectiviteit. Tussenrapportage. Rapport 2018-29, STOWA, Amersfoort.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel