Tabel A geeft de standaardwaarden per type inloopmodel, per type oppervlak en per type afstromingsmodel. 

Wateroverlastberekeningen en de stresstest Klimaatbestendigheid vragen om het goed modelleren van onverhard oppervlak en stroming over het maaiveld. Met deze laatste aspecten is nog weinig ervaring opgedaan. Dit is de reden dat waarden die hiervoor zijn gesuggereerd in grijs zijn opgenomen in tabel A. De komende jaren zal hier op basis van praktijkervaring een betere inschatting voor kunnen worden gedaan.

Er zijn ranges voor de infiltratiecapaciteit en oppervlakteberging van onverhard oppervlak opgenomen, omdat de tot nu to beschikbare informatie te weinig eenduidig is om één defaultwaarde te kunnen opnemen. Hebt u geen nadere kennis over deze parameters en wilt u uzelf niet 'te rijk' rekenen, neem dan de laagste waarden van de range, namelijk 10 mm oppervlakteberging en 10 mm/h infiltratieverlies.

U kunt een onderbouwde schatting verkrijgen van de oppervlakteberging van onverhard oppervlak in lokale depressies door een GIS-analyse van het gebied of een maaiveldmodelsimulatie waarbij u de infiltratie achterwege laat. Het watervolume in de lokale depressies gedeeld door het totale onverharde oppervlak is dan een schatting van de (macro) oppervlakteberging. Hierbij moet u dan nog de microberging optellen voor kleine hoogteverschillen binnen een gridcel van het maaiveldmodel (geschat 5 mm) bij een fijn grid zoals AHN3.

Voor wateroverlastberekeningen waarbij water op straat ontstaat vanuit de riolering moet u er ook voor zorgen dat u aan dit water niet nogmaals de inloopverliezen (infiltratie en oppervlakteberging) toerekent. In het model voor stroming over maaiveld zet u deze dus beide op 0. Voor deze situatie kunt u wel de afstromingsvertraging uit de laatste kolom van tabel A gebruiken.

Tabel A Overzicht van de standaardwaarden van de inloopparameters (defaults)
  standaard inloopmodel maaiveldmodel als inloopmodel
Infiltratie [mm/h]
gesloten verhard 0 0
open verhard Horton:
max 2,0;
min 0,5;
af: 3 h-1;
toe: 0,1 h-1
Horton:
max 2,0;
min 0,5;
af: 3 h-1;
toe: 0,1 h-1
dak 0 0
onverhard 10 tot 60 10 tot 60
Oppervlakteberging [mm]   AHN (macroberging) +
gesloten verhard hellend 0 0,5 (bevochtigingsverlies)
gesloten verhard vlak 0,5 0,5 (bevochtigingsverlies)
gesloten verhard uitgestrekt 1 0,5 (bevochtigingsverlies)
open verhard hellend 0 0,5 (bevochtigingsverlies)
open verhard vlak 0,5 0,5 (bevochtigingsverlies)
open verhard uitgestrekt 1 0,5 (bevochtigingsverlies)
dak hellend 0 0,5 (bevochtigingsverlies)
dak vlak 2 0,5 (bevochtigingsverlies)
dak uitgestrekt 4 0,5 (bevochtigingsverlies)
onverhard 10 tot 30 5 (bevochtigingsverlies + microberging)
Afstromingsvertraging
(= ruwheid + helling)
standaard inloopmodel maaiveldmodel met rioleringsmodel
en rioleringsmodel met stroming over maaiveld
  min-1 ruwheid in mm manning s/m1/3
gesloten verhard hellend 0,5 0,5 0,011
gesloten verhard vlak 0,2 0,5 0,011
gesloten verhard uitgestrekt 0,1 0,5 0,011
open verhard hellend 0,5 1,5 0,013
open verhard vlak 0,2 1,5 0,013
open verhard uitgestrekt 0,1 1,5 0,013
dak hellend 0,5 0,5 0,011
dak vlak 0,2 0,5 0,011
dak uitgestrekt 0,1 0,5 0,011
onverhard akker, weiland 0,1   0,10
onverhard begroeid met struiken, bomen 0,1   0,50
onverhard 0,1   0,20

Uitzondering: stationaire berekeningen

In stationaire berekeningen met een constante intensiteit van bijvoorbeeld 60 l.s-1.ha-1 heeft de parameterkeuze voor initieel verlies, afstromingsvertraging en infiltratiecapaciteit geen effect. U rekent dan doorgaans met 100% afstroming van aangesloten verhard oppervlak en 0% afstroming van overige oppervlakken.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel