De drukopbouw kan direct plaatsvinden via pompen of indirect via de luchtdruk (luchtpersriool). Deze subparagraaf behandelt de drukriolering via pompen. Verschillen met het luchtpersriool zijn aangegeven. Voor veel aspecten van drukriolering kunt u dezelfde maatstaven en ontwerpgrond-slagen gebruiken als voor de vrijvervalstelsels. Deze module gaat niet in op vacuümriolering (onderdruk). De meeste ontwerpen hiervoor komen tot stand in samenwerking met de fabrikant.
 
De lay-out van het persleidingsysteem biedt meestal weinig vrijheden. Vanwege stank- en aantastingsgevoeligheid is aandacht voor de keuze van het lozingspunt wel belangrijk. U kunt bijvoorbeeld kiezen voor een lozingspunt in het eindgemaal van het vrijvervalstelsel. Of voor een punt in het vrijvervalstelsel waar zich een relatief grote (minder zuurstofloze) dwa-stroom bevindt. Luchtpersriolering geeft veel minder kans op stank- en aantastingsoverlast bij het lozingspunt.
 
De belangrijkste aspecten voor de hoofdstructuur staan in het schetsontwerp. Een verdere indeling of clustering per drukeenheid kan handig zijn. Hierbij moet u maximaal bereikbare afstanden voor drukeenheden (en vrijvervalleidingen) betrekken, waarbij leidingsnelheden in persleidingen hoog genoeg en verblijftijden in het systeem binnen vastgestelde grenzen blijven.
 
De diameterbepaling van de persleiding hangt af van het samenspel tussen:
  • de hydraulische weerstand van het leidingsysteem;
  • de pompkeuze (of compressorkeuze bij het luchtpersriool);
  • de kans op samenloop van de diverse pompen.
Zie ook Overzicht maatstaven en ontwerpgrondslagen.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel