In het schetsontwerp staat de bestemming van het afval- en hemelwater op hoofdlijnen vast. Het schetsontwerp geeft aan welk deel van het hemelwater afvoert naar de zuivering en welk deel naar bodem en/of oppervlaktewater. Bij de toetsing van het functioneel ontwerp kijkt u in de eerste plaats of het stelsel deze ambities kan waarborgen.
 
Naast de toetsing op bestemming speelt de verwachte vuilbelasting van bodem en oppervlaktewater een belangrijke rol. Voor de afvoer van afvalwater toetst u de resterende vuilbelasting meestal niet. De rwzi behandelt tenslotte het afvalwater. De effectiviteit van de zuivering bepaalt de kwaliteit van het effluent. Voor de afweging rondom waterstromen en bestemming is het goed ook de ‘mate van afvalwaterzuivering’ aan te geven.
 
Voor de toetsing van gemengde systemen voor afval- en hemelwater is de vuilbelasting juist wél belangrijk. Uitgangspunt bij het ontwerp van gemengde systemen is dat overstortingen bij zware belasting niet te voorkomen zijn. De daarmee samenhangende vuilbelasting is een belangrijk toetsingscriterium. Ook voor de toetsing van systemen voor verontreinigd hemelwater is de vuilbelasting een belangrijk toetsingscriterium. Een deel van het hemelwater voert af naar de rwzi, het restant gaat rechtstreeks naar oppervlaktewater. U toetst de hoeveelheid water die het systeem op jaarbasis rechtstreeks afvoert en de daarmee samenhangende vuilbelasting.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel