Bij lozing van het IBA-effluent in de bodem zakt het water via een infiltratievoorziening direct in de bodem. In de bodem ondergaat het water verdere zuivering, door fysisch chemische processen (zoals filtratie en adsorptie) en biologische activiteit van micro-organismen. Infiltratievoorzieningen zijn zakputten, infiltratiekanalen, infiltratiebedden of opgehoogde infiltratiebedden.

Zakputten zijn ondergrondse putten, voorzien van een wand met uitstroomopeningen en een open bodem. De wateraanvoer gebeurt vaak onder vrijverval.

Infiltratiekanalen zijn via een verdeelput of -systeem aangesloten op het zuiveringssysteem. Ze liggen vorstvrij onder het maaiveld in drainagesleuven. De wateraanvoer gebeurt vaak onder vrijverval, maar tussenschakeling van een aanvoerpomp is mogelijk.

Infiltratiebedden zijn in feite infiltratiekanalen. Het verschil is dat de achterzijden van de infiltratiekanalen door een horizontale koppelleiding zijn verbonden. De drainagesleuven vormen samen één drainageveld.

Opgehoogde infiltratiebedden zijn toepasbaar bij hoge grondwaterstanden en/of bij een slecht doorlatende bodem. Doordat het infiltratiebed (deels) boven het maaiveld ligt, ontstaat toch het drukverschil dat voor infiltratie nodig is.

Handreiking dimensionering van een infiltratiesysteem

Infiltratievoorzieningen moeten nu nog voldoen aan de voorwaarden uit het ‘Lozingenbesluit bodembescherming’ en de bijbehorende, uitgebreide ‘Uitvoeringsregeling’. De invoering van het nieuwe ‘Besluit lozing afvalwater huishoudens’ leidt tot een vereenvoudiging van de eisen waaraan een infiltratievoorziening moet voldoen. In de nieuwe ‘Uitvoeringsregeling’ zijn drie eisen opgenomen:

  • het water uit de zuiveringsvoorziening mag niet direct in contact komen met het grondwater;
  • de infiltratievoorziening mag geen hinder veroorzaken;
  • nadelige gevolgen voor de volksgezondheid moeten worden voorkomen.

Het nieuwe Besluit lozing afvalwater huishoudens wordt zeer waarschijnlijk van kracht in de zomer van 2008.

Dimensionering infiltratievoorzieningen

Om aan de eisen voor infiltratievoorzieningen te voldoen, kunt u de uitgangspunten hanteren die zijn ontleend aan de Uitvoeringsregeling lozingenbesluit bodembescherming. Het toepassen van deze uitgangspunten leidt tot ruim gedimensioneerde infiltratievoorzieningen. In de praktijk blijkt dat het dichtslibben van voorzieningen een probleem is. Vooral gesloten voorzieningen zijn minder eenvoudig te reinigen. Een kleiner gedimensioneerde voorziening is eerder aan onderhoud of vervanging toe.

In het algemeen geldt dat in slecht doorlatende bodems geen infiltratie kan plaatsvinden.

Zakput

De zakput is aan de onderkant open en de zijkanten hebben voor minimaal 10% openingen. De onderkant ligt boven het grondwaterniveau. Aan de onder- en buitenkant zit een grindpakket van ten minste 20 cm dik. Waar nodig is de inzet van meerdere putten mogelijk. Voor de dimensionering is het totale wandoppervlakte bepalend. De gebruikte waarde is uitgedrukt in liters afvalwater per dag per m2 wandoppervlakte (zie tabel A).

 

Tabel A Dimensionering zakput
  Goed doorlatene grond
(zwak lemig en zandgronden)
Matig doorlatende groend
(sterk lemig, zandhoudend)
Slecht doorlatend grond
(lichte of zware klei, veen)
Liter afvalwater
per dag per m2
wandoppervlakte
           60             20 niet van toepassing

Rekenvoorbeeld

Bij een matig doorlatende bodem is met een lozing van 600 liter per dag een wandoppervlak nodig van 600/40 =15 m2. Een zakput met een diepte van 1,2 meter en een doorsnee van 1,5 meter heeft een wandoppervlak van 1,2 x 1,5 x π = 5,65 m2. Om een wandoppervlak van 15 m2 te creëren, zijn dus circa drie van deze putten nodig.

Infiltratiekanaal

Het infiltratiekanaal bestaat uit minimaal twee kanalen met elk een drainageleiding. Rondom de leiding ligt een grindpakket van minimaal 10 cm dik. Het geheel ligt boven het grondwaterniveau en wordt afgedekt met een scheidingslaag (bijvoorbeeld worteldoek) en een laag grond. Bij de uiteinden zit een ontluchtingsstuk. De lengte van de leidingen is maximaal 30 meter, de afstand tussen de leidingen is ten minste 2 meter. Voor de dimensionering is het totale grondoppervlakte van het grindpakket bepalend. De gebruikte waarde is uitgedrukt in liters afvalwater per dag per m2 grondoppervlakte van het grindpakket (zie tabel B).
 

Tabel B Dimensionering infiltratiekanaal
  Goed doorlatene grond
(zwak lemig en zandgronden)
Matig doorlatende groend
(sterk lemig, zandhoudend)
Slecht doorlatend grond
(lichte of zware klei, veen)
Liter afvalwater per dag per m2
wandoppervlakte
           40            20 niet van toepassing

Rekenvoorbeeld

Bij een matig doorlatende bodem heeft met een lozing van 600 liter per dag een grondoppervlak nodig van 600/20 = 30 m2. Een tweekanaalsysteem met een breedte van 50 cm heeft een lengte nodig van 30 meter per kanaal!

Infiltratiebed

Het infiltratiebed lijkt op het infiltratiekanaal. Maar in het bed vormen de kanalen een aaneengesloten grindbed. De dimensionering komt overeen met die van het infiltratiekanaal.

Opgehoogd infiltratiebed

Het opgehoogde infiltratiebed is een infiltratiebed dat iets boven het maaiveld uitsteekt. De onderkant ligt boven het grondwaterniveau. De dimensionering komt overeen met die van het infiltratiebed.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel