De gemeenteraad van Tuinstad heeft ingestemd met een omvangrijke bezuiniging voor de dienst Openbare Werken. De afdeling Riolering moet in de uitgaven snoeien. De rioolvervanging in de Bloemenwijk lijkt één van de mogelijke bezuinigingsposten. Andere maatregelen waaraan de afdeling Riolering werkt zijn:

  • Aanleg van negen bergbezinkbassins (om te voldoen aan de basisinspanning), o.a. in de Bloemenwijk nabij gemaal Hortensialaan;
  • Aansluiten van ongerioleerde panden, o.a. van VTC ‘Buitenlust’;
  • Voorbereiding en realisatie van nieuwbouwwijk ‘Buitenlust’ (15 ha, waarvan 8 ha van VTC Buitenlust)1;
  • Revisie van enkele rioolgemalen, waaronder gemaal Hortensialaan in de Bloemenwijk.
De oorspronkelijk ‘alledaagse’ keuze (materiaal en diameter) komt in een breder perspectief te staan. De omgeving verandert (er moet worden bezuinigd, een meer integrale aanpak wordt gezocht) en maakt dat de uitgangspunten bij de oorspronkelijke afweging opnieuw bekeken moeten worden.
 
De vraag rijst welke van deze maatregelen eerst en laatst aangepakt moeten worden. Gelijktijdige aanpak is financieel niet (meer) mogelijk. De manager van de afdeling Riolering ziet de volgende mogelijkheden:
  1. Alle maatregelen zo veel mogelijk vertragen / uitstellen;
  2. Eén of meerdere maatregelen schrappen;
  3. Maatregelen vereenvoudigen (‘uitkleden’);
  4. Een combinatie van uitstel, afstel en aanpassing van maatregelen.
Een gezamenlijke analyse van beleidsmedewerkers van de afdeling Riolering en de diensten Ruimtelijke Ordening en Financiën leert dat mogelijkheid 1 onvoldoende oplevert. Over mogelijkheid 2, het schrappen van een maatregel, kunnen de verschillende afdelingen het niet eens worden. Ten aanzien van het ‘uitkleden’ van de rioleringsmaatregelen zijn de rioleringsmedewerkers zeer sceptisch. Hun standpunt kan samengevat worden als ‘goedkoop is duurkoop’. Het managementteam van Openbare Werken formeert uiteindelijk een taakgroep, die moet onderzoeken welke bezuinigingen op de maatregelen technisch mogelijk zijn en wat daarvan de technische en financiële consequenties zijn op korte en lange termijn. Na een maand komt zij met de volgende conclusies:
  1. Het schrappen van de aanleg van bergbezinkbassin Hortensialaan is technisch haalbaar, als bij de rioolvervanging in de Bloemenwijk een deel van de wegverharding wordt afgekoppeld;
  2. Nieuwbouwwijk Buitenlust kan onder vrij verval aansluiten op het stelsel van de Bloemenwijk, waarmee de aanleg van een rioolgemaal overbodig wordt, wel betekent dat dat bij de revisie van gemaal Hortensialaan de capaciteit flink uitgebreid moet worden, en dat in de Magnolia-straat een riool ø 500 moet komen te liggen i.p.v. ø 3002;
  3. Combinatie van beide bovenstaande maatregelen is mogelijk, maar dan is nader overleg met het waterschap noodzakelijk, omdat de realisatie van de basisinspanning dan vertraging oploopt;
  4. De ongezuiverde lozingen van VTC Buitenlust kunnen goedkoper aangesloten worden op het stelsel van de nieuwbouwwijk. Ook daarvoor is overleg met het waterschap nodig in verband met realisatie na de deadline voor het lozingenbesluit.

Typering vraagstuk

Het aantal spelers (actoren), met hun eigen doelen, neemt toe. Naast de inhoud van het vraagstuk gaat de onderhandeling (het proces) een steeds belangrijker rol spelen. Uitgaande van de drie factoren (zie Vraagstukken en hulpmiddelen)  kan het type vraagstuk snel worden geplaatst:
  • Overzichtelijkheid: bekend
  • Aantal actoren: aanzienlijk
  • Best.-maatsch. aandacht: klein.
De mogelijke hulpmiddelen zijn terug te vinden  onder het kopje ‘Inhoud centraal

De oorspronkelijke doelstelling kan niet door alle partijen worden onderschreven en wordt daarom verbreed.
Het afwegingsproces moet terug naar stap 2 Identificatie van doelen.
 
De taakgroep formuleert een voorstel waarin de maatregelen voor de Bloemenwijk en Buitenlust in onderlinge samenhang zijn beschouwd. In het voorstel zijn twee varianten onderscheiden:
  1. Vasthouden aan realisatietermijn van de basisinspanning en het lozingenbesluit:
    Nieuwbouwwijk Buitenlust onder vrij verval aansluiten op het stelsel van de Bloemenwijk, maar handhaven van bergbezinkbassin Hortensialaan en aansluiten van de ongezuiverde lozingen van VTC Buitenlust op het stelsel van de Bloemenwijk;
  2. Flexibel omgaan met de basisinspanning en het lozingenbesluit:
    Schrappen van BBB Hortensialaan, afkoppelen van wegverharding in de Bloemenwijk, onder vrij verval aansluiten van nieuwbouwwijk Buitenlust op het stelsel van de Bloemenwijk. Ongezuiverde lozingen van VTC Buitenlust aansluiten op het stelsel van de nieuwbouwwijk Buitenlust.
Bij elk van de varianten is aandacht besteed aan de volgende aspecten (criteria):
  • Kosten en kostenverdeling: investeringen en beheer;
    Variant 1 is het duurst, met bovendien een extra grote investeringspiek op korte termijn. Variant 2 is goedkoper en heeft de investeringen over een langere periode gespreid. Op basis van een berekening van de netto contante waarde wordt geconcludeerd dat variant 2 een stuk aantrekkelijker is dan variant 1.
  • Effect: functioneren van de riolering (en effect op het watersysteem);
    Het functioneren van de riolering verschilt, maar in beide varianten is sprake van goed functioneren. De vuilemissie is in beide gevallen gemiddeld per jaar nagenoeg gelijk.
  • Termijn: realisatietermijn;
    Variant 1 is binnen 3 jaar te realiseren. Variant 2 vergt circa 10 jaar.

De keuze tussen de varianten wordt, met enige getalsmatige onderbouwing, voorgelegd aan de wethouder, met als ambtelijk advies om in te zetten op variant 23. De wethouder volgt het advies en zet de kwestie van de realisatietermijn van de basisinspanning op de agenda voor het eerstvolgende reguliere bestuurlijk overleg met het waterschap.

Typering vraagstuk

Doordat sprake is van meerdere doelfuncties waarvan de effecten niet op een vergelijkbare manier te meten zijn, blijft de inhoud weliswaar centraal staan, maar is het gebruik van een eenvoudige optimalisatiemethode niet goed meer mogelijk. Het vraagstuk wordt steeds minder overzichtelijk. Uitgaande van de drie factoren (zie Vraagstukken en hulpmiddelen) kan het type vraagstuk snel worden geplaatst:
  • Overzichtelijkheid: ongebruikelijk
  • Aantal actoren: aanzienlijk
  • Best.-maatsch. aandacht: klein

De mogelijke hulpmiddelen zijn terug te vinden onder het kopje ‘Effecten centraal’. In plaats van de inhoud komen de effecten van maatregelen steeds meer centraal te staan.

1Realisatie van een nieuwbouwwijk hoort te worden gefinancierd uit de grondexploitatie. Bezuinigingen ten bate van de rioleringsreserve zijn dan niet mogelijk.
2Dit levert uiteindelijk geen financieel gewin op, omdat alle eventuele winst doorberekend moet worden in de grondexploitatie en dus niet ten bate komt van een voorziening ten behoeve van de riolering.
3Enige voorzichtigheid is geboden, want de verschillende maatregelen zijn (of zouden moeten zijn) gebaseerd op vastgesteld GRP en bijbehorend rioolrecht. Het rioolrecht is een doelheffing. Dat betekent dat het geld niet besteed mag worden aan iets anders dan de rioleringszorg. Alleen als het rioolrecht niet volledig kostendekkend is kan op deze wijze bezuinigd worden.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel