Deze denkstappen zijn een hulpmiddel voor gemeenten en waterschappen om samen vraagstukken over stedelijk water op te lossen.

Aanleiding en doel

Met de Waterwet en het Besluit lozen buiten inrichtingen is een omslag gemaakt van een emissiegericht sterk normatief beleid naar een meer effectgerichte benadering. Voorheen werd de vuilemissie van lozingen beoordeeld, nu staat het functioneren van het watersysteem voorop. Er blijkt behoefte te zijn aan nieuwe methoden om tot goede afwegingen te komen. De denkstappen zijn een hulpmiddel daarbij. Ze bieden een structuur voor medewerkers van gemeenten en waterschappen om samen vraagstukken over stedelijk water op te lossen.

Achtergrond van de vraag

De denkstappen zijn ontwikkeld naar aanleiding van een vraag van de Werkgroep Riolering West Nederland (wRw). Bij het opstellen van plannen in het kader van de KRW zijn genoemde principes al langer gemeengoed. De concrete vraag van de wRw was dan ook: ‘Is het haalbaar om een handzame werkwijze te ontwikkelen voor het vertalen van de KRW-methodiek voor grotere watersystemen naar een lokale lozingssituatie in stedelijk gebied, die meer uitgaat van maatwerk, ervaringen en kennis in het veld, in plaats van generieke normen..., etc.’ In samenwerking met de wRw en adviesbureaus is nagegaan of en hoe de vraag is te beantwoorden. Voorliggende denkstappen zijn het resultaat.

De denkstappen geven houvast bij de overstap naar de nieuwe effectgerichte werkwijzen. Dit is een eerste stap op weg naar integrale investeringsafwegingen in de stedelijke omgeving.

Perspectief

Zoals aangegeven in het Bestuursakkoord Water (2011) moeten riolering en stedelijk waterbeheer onderdeel zijn van integrale investeringsafwegingen, afgestemd op de maatschappelijke functies van de stedelijke omgeving. Dit vereist een andere manier van denken en handelen. In die zin zijn de denkstappen een eerste stap op weg naar een nog bredere benadering. Komend vanuit het normgerichte denken geven de denkstappen een richting aan, maar niet het ‘eindplaatje’.

Uitgangspunten

Er zijn drie voorwaarden om vraagstukken over stedelijk water goed te kunnen oplossen. Deze voorwaarden zijn:

  • een gezamenlijke ambitie;

  • kennis van het functioneren van de riole- ring, het watersysteem en de maatschap- pelijke functies die het water ter plaatse vervult;

  • het volgen en sturen van keuzes, maatrege- len en effecten.

    Daarnaast gaan de denkstappen uit van maatwerk en samenwerking tussen gemeen- ten en waterbeheerders. 

Gebruik

De denkstappen geven u geen antwoorden op de vraagstukken en schrijven geen normen voor. De stappen zijn uitdrukkelijk niet als voorschrift bedoeld, maar als een structuur die u houvast kan bieden.

Uw vak- en gebiedskennis is onmisbaar

In de praktijk zijn (nieuwe) lozingen vaak de aanleiding tot vraagstukken over stedelijk water, zoals lozingen van bedrijven of riool-overstortingen. Daarbij is niet de lozing bepalend, maar het functioneren van het gehele stedelijk watersysteem in relatie tot de doelen en ambities. U kunt de denkstappen gebruiken bij dergelijke vraagstukken, maar bijvoorbeeld ook als doelen en ambities wijzigen.
Gemeente en waterschap doorlopen de denkstappen gezamenlijk. In beide organisaties hebben meerdere werkvelden raakvlakken met stedelijk water. Betrek daarom medewerkers vanuit die verschillende werkvelden. Voor het waterschap kan het gaan om: vergunning en handhaving, ecologie, waterkwaliteit, waterketen, hydrologie en onderhoud. Voor de gemeente gaat het om water, riolering, weg- en groenbeheer. Het is belangrijk om rekening te houden met de locatiespeci- eke omstandigheden en om kennis en ervaring vanuit de praktijk in te zetten.

Het grote belang van vastleggen

Elk deel bestaat uit meerdere stappen. Zorg dat u bij elke stap de situatie en (tussen)resultaten vastlegt. Dan is de beoordeling altijd transparant en traceerbaar. Leg ook vast waarom u welke keuzes hebt gemaakt (argumentatie), ongeacht of u kiest voor wel of geen maatregelen.

Leg de situatie, argumenten, keuzes, en re- sultaten dus vast, zodat u deze later kunt gebruiken bij:
 
  • evaluaties;
  • het volgen en sturen (na uitvoering van eventuele maatregelen);
  • toekomstige (her)beoordelingen, bijvoorbeeld als de ambities, situatie of lozingen veranderen.

‘Slechts’ voorbeelden

Bij het opstellen van de denkstappen lag de focus op lozingen zoals riooloverstortingen. De voorbeelden in de tekst gaan over dergelijke lozingssituaties. Maar dit zijn voorbeelden. De denkstappen zijn bedoeld om het stedelijk watersysteem in zijn geheel te beschouwen en zijn in principe toepasbaar op allerlei watervraagstukken. 

De denkstappenstructuur werkt van grof naar fijn en bestaat uit drie delen:

  1. Grove schifting

    Eerst bepaalt u gezamenlijk op basis van een snelle beoordeling of er een probleem is. Alleen als er problemen te verwachten zijn of dit onduidelijk is, gaat u verder met deel 2.
  2. Nadere analyse

    In deel 2 analyseert u gezamenlijk de eventuele problemen. Dit geeft een duidelijker beeld van de ernst en oorzaken. Op basis van de nadere analyse bepaalt u of maatregelen nodig zijn.
  3. Maatregelen

    In dit laatste deel bekijkt u gezamenlijk welke maatregelen nodig zijn om het probleem op te lossen of de ambities te realiseren. Daarbij brengt u ook de kosten in beeld. 
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel