Voorbeelden van invloeden op de hoogte van de maatstaf zijn:

  • In een winkelgebied in het centrum kunnen de risico's van een niet goed functionerende riolering groter zijn dan in een woonwijk.
  • Tijdens het bouwrijp maken zijn alle riolen goed bereikbaar en in een open sleuf aan te leggen. In de beheerfase is het soms vrijwel onmogelijk om de riolen te vervangen.
  • Een riool onder de startbaan van een vliegveld kan grotere risico’s impliceren dan een riool in een woonerf.
  • Een niet goed functionerende leiding vlak bij het hoofdrioolgemaal heeft vaak grotere gevolgen dan een eindstreng van het hemelwaterstelsel.
  • Riolen in veengrond moet u anders beoordelen dan riolen in zandgrond (boven de grondwaterstand). Door verzakkingen in veengrond is er vaak meer en frequenter onderhoud noodzakelijk.
  • Riolen die boven de (hoogste bekende) grondwaterstand liggen, moet u anders beoordelen dan riolen die in het grondwater liggen. Boven de grondwaterstand heeft u kans op lekkage van afvalwater. Beneden de grondwaterstand is er kans dat grondwater door lekkage de leiding instroomt.
  • De risico’s bij uittredend rioolwater in een industriegebied zijn groter dan een lek riool in een woonwijk.
  • Een transportriool (hoofdriool) beoordeelt u anders dan een inzamelriool. Om risico's te beperken grijpt u eerder in bij een transportriool.
  • Een riool op een paalfundering kent andere risico’s (paalrot) dan een riool op een staalfundering.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel