Een zwevendestofafscheider scheidt delen af die zwaarder of lichter zijn dan water door de werking van de zwaartekracht. Er zijn verschillende soorten afscheiders op de markt. Bij de voorziening of op andere plaatsen in het stelsel komen overlopen. Vaak valt de keuze op een relatief klein ontwerpdebiet van de voorziening. De berging komt dan in het rioolstelsel. Is deze berging niet bruikbaar, dan kunt u kiezen voor een hoger ontwerpdebiet. Dan blijft de hoeveelheid onbehandeld water die overloopt beperkt.
 
 Figuur A Principe zwevendestofafscheider

Het doel van deze voorzieningen is afscheiding van zwevende delen, bijvoorbeeld door bezinking of flotatie. Een belangrijk kenmerk is dat deze voorzieningen meestal geen noemenswaardige berging hebben.

Bij het ontwerp zijn de volgende aspecten van belang:

  • Maatgevend debiet
    Het maatgevende debiet is afhankelijk van de aangesloten oppervlakte, het percentage hemelwater dat de afscheider op jaarbasis minimaal moet behandelen en van de beschikbare berging in het rioolstelsel.
Berging verlaagt maatgevend debiet afscheider
Als de berging nul is, gaat bij een debiet van 14 l/(s.ha) ongeveer negentig procent van het hemelwater door de afscheider (WRW, 2002). Bij een berging van 4 mm is een debiet van 3 l/(s.ha) voldoende om negentig procent van het water te behandelen. Maar in de praktijk is het debiet meestal minimaal 5 l/(s.ha). Meer informatie (getallen) over de relatie tussen debieten, bergingen en het behandelde water vindt u in Berekenen infiltratievoorzieningen.
  • Oppervlaktebelasting
    De oppervlaktebelasting is het (maatgevende) debiet, gedeeld door het bezinkoppervlak van de voorziening (m/h). Deze parameter bepaalt voor een belangrijk deel welke deeltjes de voorziening afvangt. Hoe kleiner de afgevangen deeltjes, hoe groter het vuilreducerende rendement van de afscheider.
Maatstaf oppervlaktebelasting
Voor oppervlaktebelasting bestaan geen algemeen aanvaardbare normen. Dat komt onder meer omdat de samenstelling van het afstromende hemelwater niet bekend is. Vaak geldt een oppervlaktebelasting van 1 m/u als maatstaf.
  • Schuifspanning
    In tegenstelling tot een bergbezinkbassin blijft het slib na een bui wel in de zwevendestofafscheider. Daarom moet u altijd voorkomen dat het bezonken slib opnieuw opwoelt. Overschrijd dus nooit de maximale schuifspanning van 0,10-0,25 N/m2.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel