Behalve voor derden kan bij (riolerings)werkzaamheden ook schade ontstaan voor de gemeente als opdrachtgever. Bijvoorbeeld doordat de aannemer een overeenkomst met de opdrachtgever niet, niet volledig of niet op de juiste manier nakomt. Wie een overeenkomst niet nakomt, pleegt in principe wanprestatie. De schade die hiermee verband houdt, komt voor vergoeding in aanmerking. Wanprestatie heet juridisch ook wel 'toerekenbare tekortkoming'. 

Niet nakomen en tekortkomen

Als een van de contractpartijen een afspraak niet nakomt (in dit voorbeeld de aannemer), mag de wederpartij (de gemeente) de overeenkomst in principe geheel of gedeeltelijk ontbinden. De ontbinding is direct mogelijk als de aannemer de afspraak tijdelijk of blijvend niet kan nakomen. Als hij de afspraak nog wel onmiddellijk kan nakomen, moet de gemeente de aannemer inlichten dat hij de overeenkomst (geheel of gedeeltelijk) verzuimt. Dit heet een inverzuimstelling. De aannemer krijgt dan de gelegenheid om de afspraken alsnog na te komen. Pas daarna wordt de niet-nakoming een tekortkoming (art. 6:265 BW en art. 6:81 e.v. BW).

Vergoeding bij wanprestatie

Bij elke vorm van wanprestatie is de schuldenaar in principe verplicht de schade aan de schuldeiser te vergoeden, behalve als de wanprestatie niet-toerekenbaar is. In dat laatste geval is de schuldenaar alleen tot een schadevergoeding verplicht als hij bij die tekortkoming een voordeel geniet dat hij bij behoorlijke nakoming niet zou hebben gehad (art. 6:74 e.v. BW). Zo kan de gemeente een aannemer geen verwijt maken als schade ontstaat doordat hij informatie gebruikt die de gemeente zelf ter beschikking heeft gesteld (zoals berekeningen) en waar de aannemer vanuit mocht gaan bij de uitvoering van het werk. Is de wanprestatie wel toerekenbaar, dan moet de aannemer bij gehele of gedeeltelijke ontbinding van de overeenkomst de schade vergoeden die de gemeente hierdoor lijdt.

Heeft u suggesties? Laat het ons weten!

Stuur uw suggestie.
Vorige artikel Volgende artikel