De overstortleiding is de afvoerleiding benedenstrooms van de overstort naar het oppervlaktewater. Het maatgevende overstortende debiet en het beschikbare drukverval tussen de overstort en het oppervlaktewater bepalen de diameter van deze afvoerleiding. Om het gehele stroomprofiel van de afvoerleiding (van de overstort naar het oppervlaktewater) te benutten, ligt de kruin van de leiding bij de overstort bij voorkeur niet boven de gekozen drempelhoogte en de waterstraal. Als de bodemhoogte van de afvoerleiding hierbij lager uitkomt dan de watergangbodem, kunt u voor een alternatieve doorsnede van de afvoerleiding kiezen. Bijvoorbeeld een kokerprofiel of twee of meer leidingen met ronde doorsnede. Is de drempel boven de maatgevende hoge waterstand in het ontvangende oppervlaktewater niet te projecteren? Dan moet u de uitmonding voorzien van een terugslagklep.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel