Tijdens de beheerfase kunt u het functioneren van het drainage monitoren:
  1. met grondwaterstandmetingen;
  2. met debietmetingen;
  3. door meldingen en klachten bij te houden en te analyseren.
 
Grondwaterstandmetingen
Het meten van de grondwaterstanden en waterstanden in de drainageputten is een effectieve methode om na te gaan of drainage voldoende werkt. Is de grondwaterstand in nattere perioden systematisch hoger dan eerder? Dan kan onderhoud nodig zijn (zie figuur A). In Onderhoud staat hoe onderhoud plaatsvindt. Op basis van de gemeten grondwaterstanden kunt u beoordelen of de drainage het beoogde effect op de grondwaterstand heeft. Zo nodig kunt u het drainage-instelniveau bijstellen.


Figuur A Voorbeeld van grondwaterstanden voor en na doorspuiten drainage

Debietmetingen
Een alternatief voor grondwaterstandmetingen zijn debietmetingen aan het lozingspunt, gecombineerd met neerslagmetingen. Afvoeren afkomstig uit een drainagesysteem zijn meestal klein en het meten van een klein debiet is niet zo betrouwbaar. Deze methode is dan ook minder geschikt als monitoringsinstrument.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel