Hoeveelheid verwijderd slib

Weegbonnen van het gestorte slib op de verwerkingsplaats geven om diverse redenen geen betrouwbaar beeld van de hoeveelheid verwijderd slib. Volgens de meeste contracten moet de aannemer het slib met een bepaald vochtigheidsgehalte afleveren. Maar in de praktijk blijkt het nagenoeg onmogelijk om de vochtigheid van het slib vast te stellen. Afhankelijk van de werkwijze van de aannemer kan hierdoor een onder- of overschatting van de hoeveelheden gestort slib ontstaan. U kunt de reinigingsopdracht en het verwerken en storten van het verwijderde slib loskoppelen. Zo heeft de aannemer er belang bij om het slib goed te ontwateren (minder af te voeren materiaal), terwijl de partij die het slib verwerkt een vaste prijs per ton opgeeft.

NEN-classificatie

Om tot een goede verrekening van meer- en minderwerk te komen, kunt u uitgaan van inspectiebeelden geclassificeerd volgens de geldende normen NEN-EN 13508-2 en NEN 3399 (N.B. Deze wordt in 2020 vervangen door de Leidraad Classificatiemethodiek). Voor en na reiniging beoordeelt u per streng de aanwezigheid van:
  • wortels (BBA);
  • aangehechte afzettingen (BBB);
  • bezonken afzettingen (BBC);
  • binnendringen van grond (BBD);
  • andere obstakels (BBE).

Bezonken afzettingen

Voor de verrekening van meer- en minderwerk van bezonken afzettingen kunt u vaak uitgaan van de achtergebleven vuillijn op de buiswand. De verrekenprijs kunt u baseren op verschillen in classificatie. Bij oplevering moet dan BBC minder dan 5% doorsnedebeperking opleveren (bij de omschrijvingen vanaf 2020, tot 2020 is dit klasse 1). Als de sliblijn aangeeft dat vóór de reiniging een bepaald percentage doorsnedebeperking aanwezig was, maar in werkelijkheid was dat percentage (veel) groter, dan is het meerdere als meerwerk te zien.

Verrekenprijzen

Ga in de verrekenprijzen uit van prijzen per strekkende meter, per profieltype en per profielafmeting. Eventueel kunt u nog onderscheid maken in de samenstelling van het verwijderde materiaal. Bijvoorbeeld eenvoudig verwijderbaar: licht slib met een lage zandfractie (< 30%), of moeilijk verwijderbaar: hoge zandfractie (> 30%). Om achteraf het verwijderen van wortels en andere obstakels die vooraf niet bekend waren te kunnen verrekenen, moet de aannemer hiervan tijdens het werk melding doen. Hierover moet u bij de startbespreking duidelijke afspraken maken.

Nadelen RAW-bepalingen

De RAW-definitie van de vervuilingsgraad sluit niet aan bij de vervuilingsclassificatie volgens NEN 3399 over toestandsclassificatie bij visuele inspectie van riolen. Daarnaast gaat de definitie van verontreiniging in de RAW Standaard voorbij aan de verschillende kenmerken van het rioolslib (vers of licht slib, vastzittend zanderig slib). Op basis van deze definitie is niet te bepalen wat er nodig is om het slib te verwijderen. De RAW-systematiek geeft een verrekening (par. 25.14.02) bij:
  • stagnatie van de werkzaamheden door een melding van vermoedelijke schade aan het riool;
  • stagnatie door een melding van obstakels;
  • het verwijderen van obstakels, excessieveverontreiniging (sterk afwijkend van wat in de vraagspecificatie staat) of 'losliggende ongerechtigheden' van aanzienlijke omvang of gewicht die niet gelijktijdig met de reiniging zijn te verwijderen.

Belangrijke aandachtspunten

  • Zorg voor goede communicatie voor en tijdens de uitvoering van het werk.
  • Hanteer altijd redelijke argumenten.
  • Als u niet inspecteert en alleen de reiniging laat uitvoeren, spreek dan vooraf met de aannemer af hoe u meer- en minderwerk vaststelt. Mogelijkheden zijn een inschatting van het gewicht aan te verwijderen materiaal of het aantal reinigingsgangen per streng.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel