Het Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi) regelt ook lozingen vanuit de gemeentelijke riolering in de bodem. Anders dan bij lozingen in oppervlaktewater is er bij lozingen in de bodem geen onderscheid tussen kwaliteit en kwantiteit.

Lozingen vanuit een hemelwater- of drainagestelsel

Een gemeente mag vanuit een hemelwater- of drainagestelsel lozen in de bodem als zij dat stelsel in het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) heeft opgenomen en volgens het GRP beheert. Net als de lozingen vanuit de riolering in oppervlaktewater zijn dus ook de lozingen vanuit de riolering in de bodem in het GRP geregeld.

Lozingen vanuit een vuilwaterriool

Het Blbi staat lozingen vanuit een vuilwaterriool in de bodem niet toe. Dit komt in de praktijk wel voor, bijvoorbeeld in de vorm van een infiltratievoorziening of vloeiveld achter een overstort. Voor dergelijke gevallen is een maatwerkvoorschrift op grond van artikel 2.2 Blbi nodig. De gemeente is zelf bevoegd gezag voor het maatwerkvoorschrift en moet het dus bij zichzelf aanvragen. Bij het verlenen van het maatwerkvoorschrift moet de gemeente afwegen of het lozen vanuit een overstort in de bodem kan, gelet op de effecten op de bodemkwaliteit. Feitelijk is dit dezelfde afweging die de gemeente ook al maakt bij het opstellen van het GRP, dus zij kan het maatwerkvoorschrift onder verwijzing naar het GRP verlenen.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel