In Perceelaansluiting staan kenmerken voor de reguliere en bijzondere lozing van hemelwater naar een publiek stelsel. In de NTR 3216 Binnenriolering, richtlijn voor ontwerp en uitvoering vindt u een gedetailleerde uitwerking van binnenriolering en riolering op particulier terrein.

De inzameling van hemelwater heeft betrekking op de verwerking van hemelwater dat valt op daken en terreinverharding. Zonder afvoerbeperkingen vindt lozing onder vrijverval plaats. De gemeente kan bepalen dat de particulier zelf voor de verwerking van afstromend hemelwater moet zorgen, tenzij dit redelijkerwijs niet mogelijk is.
 
Beschikbare hemelwatervoorzieningen
Voor de verwerking van hemelwater op particulier terrein zijn veel voorzieningen beschikbaar, zoals voorzieningen voor:

  • het benutten van hemelwater;
  • het vasthouden/bergen van hemelwater op daken (met of zonder vegetatie);
  • het vasthouden/bergen van hemelwater op het maaiveld;
  • het vasthouden/bergen van hemelwater onder het maaiveld;
  • het infiltreren van hemelwater vanaf het oppervlak;
  • het infiltreren van hemelwater onder het maaiveld;
  • zuiveringstechnische voorzieningen;
  • bovengrondse afvoer onder vrijverval;
  • ondergrondse afvoer onder vrijverval;
  • afvoer onder druk.

Deze voorzieningen bestaan uit verschillende onderdelen en materialen. Denk bijvoorbeeld aan geotextiel, granulaat, elementenverharding en drainagezand. Op www.IBOS-regenwater.nl en www.riool.net (in het dossier afkoppelen) vindt u een gedetailleerd overzicht van de mogelijke samenstellingen. In Berekenen infiltratievoorzieningen staan de uitgangspunten voor dimensionering van de voorzieningen.

De aandachtspunten voor de inzameling van afvalwater gelden ook voor hemelwater. Daarnaast is bijzondere aandacht nodig voor:
 
Uitgangspunten dimensionering
De dimensionering van binnen- en buitenriolering op particulier terrein vindt meestal op andere uitgangspunten plaats dan die van publieke afval- en hemelwaterstelsels. De afvoercapaciteit van deze stelsels is te toetsen met neerslaggebeurtenissen met een herhalingstijd van bijvoorbeeld één keer per twee jaar (bui 8 uit Neerslaggebeurtenissen). De hemelwaterafvoer van een gebouw is te controleren met een regenintensiteit van 300 l/s/ha, die u afhankelijk van de grootte van het dak reduceert. Deze discrepantie kan vooral bij de aansluiting van bedrijfsgebouwen en -terreinen tot een discussie leiden tussen bouwer/architect en gemeente. Afstemming Binnen-, terrein- en buitenriolering gaat specifiek in op deze discrepantie.
 
De dimensionering van hemelwaterafvoer van daken vindt plaats op basis van voldoende afvoercapaciteit. Daken (zeker platte daken) zijn uitermate geschikt om hemelwater vast te houden en te laten verdampen of vertraagd af te voeren. Waterberging op daken is niet in tegenspraak met denormen voor afvoercapaciteit. Wel is het belangrijk de dakconstructie op de accumulatie van water te ontwerpen en het dak van voldoende nooduitlaten te voorzien.
 
Aansluiting verhard oppervlak
Door de verharding van eigen terrein ervaren particulieren hemelwater eerder als ongewenst. De gebruikelijke remedie is aansluiting op een (willekeurige) leiding. Dan zijn ze van dat water af. Hierbij gaan zij ervan uit dat het riool te allen tijde zorgt voor snelle waterafvoer. Dit moet op termijn door de hemelwaterzorgplicht veranderen. De consequentie van verharding komt nadrukkelijker bij de particuliere lozer te liggen. In dit traject is een gestructureerde, heldere voorlichting noodzakelijk.
 
Detaillering en profilering
Door het zichtbaar maken van de hemelwaterafvoeren neemt de kans op foutieve aansluitingen af. Maar deze bovengrondse afvoer vereist wel een zorgvuldige detaillering en inpassing. En wel op zo’n manier dat particulieren deze afvoer als ‘natuurlijk’ ervaren en niet geneigd zijn deze teniet te doen.
 
Beperking overloop hemelwater naar publieke stelsels
In tegenstelling tot de inzameling van afvalwater is bij hemelwatervoorzieningen berging absoluut noodzakelijk om de afvoercapaciteit te beperken. De publieke opinie veronderstelt dat de capaciteit van publieke hemelwaterstelsels nagenoeg onbegrensd is. Met andere woorden: bij wateroverlast is het publieke stelsel (de riolering) de schuldige. In deze context is het lastig lozers meer bewust te laten zijn van de mogelijke gevolgen van minder capaciteit van hemelwatervoorzieningen. Acceptatie van plasvorming is hierbij onvermijdelijk. Daarom moeten particulieren bij de inrichting en profilering van eigen terrein rekening houden met de tijdelijke berging van een hoeveelheid hemelwater, zónder dat dit direct tot overlast en/of schade leidt.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel