De adviseur bekeek de data van de nieuwe meetpunten minimaal wekelijks via de internetsite van de leverancier. Zo kon hij bijzonderheden als uitval van de meetopstelling opmerken. Verder valideerde de adviseur de gegevens van langere perioden (enkele maanden) tegelijk. Al na enkele weken bleek dat de internetsite niet geschikt was om deze grote hoeveelheden data te exporteren. De leverancier heeft vanaf dat moment maandelijks een export van alle meetgegevens gemaakt en per post verstuurd naar het adviesbureau.

Leerpunt: Export van grotere reeksen meetgegevens is vaak nodig voor datavalidatie en -analyse. Eis dat het telemetriesysteem een dergelijke export binnen een redelijke tijd kan maken.  

Het waterschap stuurde ook maandelijks de data van de meetpunten bij de waterschapsgemalen en de rwzi naar het adviesbureau.

Gegevens uitlezen

Elke drie maanden ging een medewerker van het adviesbureau naar de gemeente om het gemalenbeheersysteem uit te lezen. Door het ombouwen van dit systeem zijn gedurende de eerste vier maanden van het project vrijwel alle meetgegevens van de meetpunten bij de gemeentelijke gemalen verloren gegaan (zie ook Planvorming > Voorbereiding).

Gegevens valideren

De adviseur beheerde en valideerde alle meetgegevens. Het opslagmedium was het netwerk van het adviesbureau. Van de gegevens op het netwerk werd wekelijks een back-up gemaakt. De ruwe data bleven in een aparte map bewaard. De meetgegevens ondergingen vervolgens verschillende validatietests:

  • Alle relevante meetgegevens zijn met behulp van grafieken visueel beoordeeld, onder andere op het over- en onderschrijden van grenzen van het fysisch mogelijke.
  • Verpompte volumes bij gemalen zijn inzichtelijk gemaakt door de metingen te filteren met een lopend gemiddelde (zie figuur A).
  • Een test op de intervallen tussen de meetgegevens liet zien hoeveel meetgegevens per meetpunt ontbraken.

Leerpunt: Grafieken kunnen met een overzicht van de metingen over een langere periode belangrijke informatie geven.  

  • Een test op kruiscorrelaties tussen niveau- en luchtdrukmetingen liet zien dat de luchtdruk invloed had op de niveaumetingen, omdat de luchtdrukcompensatie niet goed werkte (zie figuur B).
  • Een test op autocorrelaties detecteerde ruis op de snelheidsmeting van de debietmeter (zie figuur C).
  • De gegevens van de drie neerslagmeters zijn per dag en over de gehele periode gesommeerd. Bovendien heeft hij ze vergeleken met de metingen van het dichtstbijzijnde KNMI-station. Hieruit bleek dat een van de neerslagmeters afweek. Dit kwam door een opstelling waar de meter gevoelig was voor inwaaiend vuil.
  • Logboekinformatie leverde onder andere op dat het uitschakelen van een gemaal een overstortingsgebeurtenis had veroorzaakt.
    De adviseur heeft sommige metingen na validatie gecorrigeerd en de gecorrigeerde data verder geanalyseerd.

Leerpunt: De luchtdrukcompensatie blijkt een zwak punt van drukopnemers. Wees alert op mogelijke afwijkingen veroorzaakt door de luchtdruk.
 

Figuur A Filtering debietmetingen bij gemalenVergroot afbeelding

 

Figuur B Verloop niveaumeters met luchtdruk door slechte werking luchtdrukcompensatieVergroot afbeelding

 

Figuur C Detectie ruis (zichtbaar als rode kruisjes) in debietmetingenVergroot afbeelding

 

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel