Perspectief van de samenwerking

Veel Europese richtlijnen hebben invloed op de inrichting van het stedelijke watersysteem en de waterketen. Nu gaat alle aandacht uit naar de implementatie van de Europese Kaderrichtlijn Water. (KRW). De eerste ronde van KRW-doelen, -maatregelen en -kosten staat in 2009 vast. In zogenaamde stroomgebiedbeheerplannen komt te staan wat de komende jaren voor de onderscheiden waterlichamen moet gebeuren om de gestelde doelen voor 2015 te realiseren. Deze afspraken rapporteert de rijksoverheid aan Brussel en zijn bindend. Deze cyclus wordt tot 2027 iedere zes jaar herhaald.

Nut van de samenwerking

Belangrijk is te komen tot een goed en breed gedragen KRW-beleid, dat voldoet aan de richtlijnen uit Brussel en meerwaarde biedt voor de regio. Daarvoor is een actieve inbreng van gemeenten, waterschap, provincie en maatschappelijke organisaties noodzakelijk. Hiertoe zijn in de verschillende regio’s zogenaamde gebiedsprocessen gestart, waarvan het waterschap de trekker is. Hierin stellen waterschap, gemeenten en maatschappelijke organisaties vast wat op lokaal niveau nodig is.
 
De essentie van de KRW is dat de lokale overheden maatregelen implementeren die nodig zijn om een goede waterkwaliteit en een gezond ecologisch systeem te realiseren. U kunt het beste samen kijken naar wat voor uw eigen regio meerwaarde biedt. Niet elk ‘stedelijk’ gebied heeft direct invloed op een waterlichaam. Dat betekent dat u niet in elk bebouwd gebied maatregelen hoeft te nemen om de gestelde ecologische doelen voor de waterlichamen te realiseren. Natuurlijk houdt u wel rekening met het principe van ‘niet afwentelen’, want de activiteiten in bovenstrooms gelegen bebouwd gebied kunnen hun weerslag hebben op benedenstrooms gelegen waterlichamen.

Aandachtspunten voor het proces

  • Inzicht in ‘maatregel-effectrelaties’
    In de huidige discussie over de doelen en benodigde maatregelen voor de KRW speelt het beperkte inzicht in de ‘maatregel-effectrelaties’ een belangrijke rol en bestaat tegelijkertijd een bestuurlijke druk om nú beslissingen te nemen. Dit is vergelijkbaar met de uitvoering van de basisinspanning.

    Het inzicht in de waterkwaliteit in stedelijk gebied en de invloed van rioollozingen hierop is nog steeds beperkt. Door monitoring en verbeterde rekentechnieken komt daarin de laatste jaren verbetering. De afgelopen jaren is de aanleg van veel randvoorzieningen vooral gemotiveerd vanuit een theoretisch tekort aan berging in de riolering, en niet vanwege een waterkwaliteitsprobleem. De politieke druk in de jaren 90 om aan de riolering milieumaatregelen te treffen, heeft hierbij zeker een rol gespeeld. In eerste instantie zou de zogenaamde basisinspanning in 1998 gerealiseerd zijn. Hoewel deze deadline later is opgeschoven, is de druk om te handelen er mede debet aan geweest dat veel gemeenten en waterschappen zich de tijd niet hebben gegund om (op locatie) onderzoek te doen naar het causale verband tussen het functioneren van de riolering en eventuele waterkwaliteitsproblemen.

    Voor de KRW bevinden gemeenten en waterschappen zich in een vergelijkbare situatie. De huidige ecologische toestand, de knelpunten op het gebied van ecologie en waterkwaliteit, en de effecten van mogelijke maatregelen zijn slechts op hoofdlijnen bekend. Toch moet de rijksoverheid de doelen en maatregelen vóór 2009 aan Brussel rapporteren. Dit betekent dat gemeenten en waterschappen keuzes moet maken, waaraan de Europese Commissie de regering zal houden.
     
  • Kennis delen
    De betrokken gemeente- en waterschapsmedewerkers moeten voldoende kennis hebben over:
    • De rol en verantwoordelijkheden van betrokken partijen in het KRW-proces. Het lokale bestuur is verantwoordelijk voor het maken van afwegingen voor de lokale waterhuishouding. Inzicht in de wensen en eisen van de betrokken lokale besturen is dus essentieel.
    • De meerwaarde van de KRW voor de eigen lokale situatie (voor water en ruimte). Het gaat niet alleen om het halen van (soms abstracte) KRW-doelen. Alle betrokkenen moeten ook nadenken over de meerwaarde van voorgestelde ruimtelijke en technische maatregelen voor de lokale waterhuishouding. Denk aan belevingswaarde en voordelen voor natuur en recreatie.
    • De juistheid van de voorgestelde strategie. Wat is de verwachte bijdrage van de voorgestelde maatregelen en staan de kosten in verhouding tot het verwachte effect?

Meer informatie

  • Op www.kaderrichtlijnwater.nl vindt u veel relevante informatie. Ook kunt u hier verschillende producten downloaden, zoals 10 FAQ van gemeenten over de KRW-implementatie in stedelijk gebied van het LBOW-cluster Water en de Stad (WenS).
  • In de decembernota Kaderrichtlijn Water/Waterbeheer 21e eeuw 2006 van het ministerie van V&W vindt u informatie over de inhoudelijke koers op weg naar de stroomgebiedbeheerplannen in 2009.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel