1) Meetnet consistent opbouwen

Stem de keuze van de meetpunten af op (het analyseren van) de werking van het gehele systeem; plaats niet alleen meetpunten aan de randen (overstorten). De meerwaarde is dat u een (tot voor kort) zuiver theoretische benadering toetst aan de praktijk. Dit is een essentiële stap om de werking van uw systeem te begrijpen en de noodzaak en effecten van maatregelen te onderbouwen.

Analyseer periodiek (eens per 1 - 3 jaar) het functioneren van het systeem uitgebreid. Dan vergelijkt u het theoretisch functioneren met de praktijk. U controleert of dit theoretisch functioneren overeenkomt met de verwachtingen (van de riolerings- en waterbeheerder). Voor relevante afwijkingen kan het nodig zijn om verklaringen te vinden en dat vraagt om nader onderzoek.

2) Basisgegevens op orde

Zorg ervoor dat uw basisgegevens op orde zijn. Daarbij gaat het vooral om nauwkeurige kenmerken van de overstorten, de geometrie van het stelsel, de inventarisatie van het afvoerende oppervlak, de werking van de gemalen en de belastingen op het stelsel. Uitgaan van goede gegevens is een belangrijke stap in een effectieve toetsing van het berekende (theoretische) functioneren aan de praktijk. Fouten in gegevens maken de analyse lastiger en vooral duurder; de kans is aanwezig dat u op een dwaalspoor wordt gezet.

3) Aanleg en onderhoud meetpunten

Dit punt vergt bijzondere aandacht. Het ontwerp en de controle van de aanleg van nieuwe meetpunten zijn taken voor vakmensen. De meest geschikte meetsensor moet op de juiste plek komen en dat moet u bij oplevering goed (laten) controleren. Het is belangrijk dat de werking van een meetsensor wordt getest. Als essentiële meetpunten niet goed functioneren, is een analyse van de metingen vaak niet (goed) mogelijk.

4) Controle (validatie) meetgegevens

De controle van de meetgegevens moet zo snel mogelijk na het begin van de metingen plaatsvinden, bij voorkeur online. Dat kan op verschillende niveaus: een controle van de ruwe data, een controle van de data in relatie tot andere gemeten of vaste gegevens en een controle van het hydraulisch functioneren van het systeem, globaal de waterbalans of het functioneren meer in detail.
De controle is gericht op: het opsporen van fouten in meetopstellingen, controle van de betrouwbaarheid en de benodigde nauwkeurigheid van de meetsensor en mogelijk ook de behoefte aan extra meetpunten. Houd een logboek bij waarin u diverse zaken vastlegt die invloed die hebben op de metingen.

5) Neerslaggegevens

De neerslagbelasting is de belangrijkste factor in de analyse van de werking van een systeem. Combineer voor een nauwkeurige berekening van het neerslagverloop over een gebied bij voorkeur radarbeelden met een hoogwaardige regenmeter. De radar zorgt voor de nauwkeurigheid van de ruimtelijke verdeling van de neerslag. De regenmeter is een noodzakelijke referentie in een zo nauwkeurig mogelijke correctie van de radarbeelden.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel