Controlestappen

De controle bestaat uit drie (of vier) stappen. Stap 1 en 2 moet u voor alle modellen doorlopen, stap 3 bevelen we aan voor alle modellen. Stap 4 doorloopt u alleen als u hoge eisen stelt aan de betrouwbaarheid van de modelresultaten en u deze inspanning daarmee rechtvaardigt.

  1. Controle model: in deze 'primaire validatie' toetst u het model voorafgaand aan de simulatie op consistentie, compleetheid, fysieke onmogelijkheden en ongebruikelijke zaken. Veel softwarepakketten voeren dergelijke controles automatisch uit. Maar veel eenvoudige tests kunt u ook zelf uitvoeren.
  2. Controle modelresultaten op onlogische resultaten: na de simulatie van het rekenmodel moet u nagaan of de simulatie leidt tot betrouwbare, bruikbare resultaten. Voor deze controle moet u als modelleur inzicht hebben in het hydraulisch gedrag van het gemodelleerde systeem.
  3. Toetsing modelresultaten aan praktijk (validatie): in deze controlestap vergelijkt u de modelresultaten met informatie uit de praktijk: meldingen, beeldmateriaal, veldwaarnemingen en metingen. Dit kunt u globaal doen, wat gebruikelijk is bij wateroverlastberekeningen waarvoor u meestal een beperkte dataset hebt. Door de modelresultaten te vergelijken met metingen, kunt u controleren of de dynamiek in het model voldoende overeenkomt met de dynamiek uit de metingen.
  4. Formele modelkalibratie: een modelkalibratie is de meest gedetailleerde manier om de kwaliteit van de rekenresultaten te toetsen. U kunt alleen een formele modelkalibratie doorlopen als de beschikbare metingen voldoende informatie bevatten over het te modelleren proces.

Terug naar stap V: inventarisatie

Als uit de controle van de modelresultaten nog (onacceptabele) afwijkingen naar voren komen die zijn terug te voeren op fouten en/of onvolkomenheden in de invoergegevens, kunt u deze met een detailinventarisatie (zie stap V) proberen weg te werken. Uit de rekenresultaten krijgt u aanwijzingen om wat voor type fout het gaat en waar in het systeem u deze fout moet zoeken. Zo kan uit de analyse van waterstanden blijken dat de hoogteligging van een overstortdrempel in het model niet juist is. Een afwijkende ledigingstijd kan een aanwijzing zijn dat dat de aansturing van een specifieke pomp niet juist is gemodelleerd.

Heeft u suggesties? Laat het ons weten!

Stuur uw suggestie.
Vorige artikel Volgende artikel