De tijdstap moet u zo klein kiezen dat alle voor u relevante processen in de uitvoer zichtbaar zijn. Een proces met een kleine tijdschaal is bijvoorbeeld de lediging van een gemaalkelder. Dit kan in enkele minuten of sneller plaatsvinden. Hanteer daarom voor uitvoer tijdens neerslag en/of een overstorting een tijdstap van maximaal een minuut in gebeurtenisberekeningen en maximaal vijf minuten in reeksberekeningen. In reeksberekeningen kunt u onder dwa-condities een grotere uitvoertijdstap gebruiken.

Rekentijd en opslagcapaciteit beperken

Een hoge uitvoerfrequentie vergt rekentijd en soms zeer veel opslagcapaciteit om de data weg te schrijven. U kunt beide beperken door een beperkt aantal locaties in het model te selecteren waarvoor de simulatie-uitvoer wordt bewaard. Dit zijn bijvoorbeeld gemalen, overstortputten, bijzondere constructies en bekende wateroverlastlocaties. Let op: u kunt deze locaties niet achteraf wijzigen! Dus als u er na de berekening achter komt dat die ene interessante locatie niet in de rekenresultaten zit, moet u de simulatie herhalen.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Previous article Next article