De provincie is verantwoordelijk voor het strategisch grondwaterbeheer. Dat legt zij vast in het wettelijk verplichte regionale waterplan. Daarnaast is de provincie bevoegd gezag voor grondwateronttrekkingen door de industriële bedrijven (> 150.000 m3 per jaar), voor open bodemenergiesystemen en onttrekkingen voor de openbare drinkwatervoorziening. Voor overige onttrekkingen is vrijwel altijd het waterschap bevoegd gezag.

Grote grondwateronttrekkingen

De vergunningaanvrager moet in zijn aanvraag aangeven hoe hij schade voor de omgeving gaat voorkomen. Via vergunningvoorschriften kan (moet) de provincie mitigerende maatregelen voorschrijven om voorzienbare schade door een onttrekking zoveel mogelijk te voorkomen (die schade kan ook gebouwen betreffen). Dat blijkt uit de Waterwet (art. 2.1, doelstellingen die mede zien op de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen) en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur zoals verankerd in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Een zorgvuldige belangenafweging (art. 3:4 Awb) vereist onder meer dat het bevoegd gezag in de besluitvormingsprocedure het schadeaspect meeneemt. Hier is dan ook een duidelijke relatie tussen art. 3:4 Awb en de schadevergoedingsregeling van art. 7.14 e.v. Waterwet.

Aanleg bodemenergiesystemen

Als bij de aanleg van een bodemenergiesysteem minder dan 10 m3 grondwater per uur wordt onttrokken, is een melding voldoende. Raadpleeg hiervoor de provinciale Waterverordening, al dan niet opgenomen in de provinciale Omgevingsverordening en/of de provinciale Verordening voor de fysieke leefomgeving.

Meer informatie

Meer informatie over de rol van de provincie vindt u in Beleid.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Previous article Next article