A Algemeen
Een drainageleiding is bedoeld voor de ontwatering van een terrein. Drainageleidingen zijn er in verschillende soorten en maten. De diameters zijn kleiner dan die van infiltratieleidingen: variërend van 50 mm tot 160 mm. De kosten zijn onder andere afhankelijk van het soort omhulling. De omhulling van bijvoorbeeld kunststof of kokos is bedoeld om inspoeling van gronddeeltjes te beperken, de instroom van water te verbeteren en verstopping van de drain te voorkomen. Meestal worden PVC-(ribbel)buizen gebruikt. De levensduur van deze drainage is gemiddeld vijftien tot twintig jaar. De volgende praktijkregels gelden voor de toepassing van omhullingsmaterialen:
  • de karakteristieke poriëngrootte van omhullingsmateriaal dient minimaal 400 en maximaal 1100 micron te zijn. Polypropeenvezels met een O90-waarde van 45 (PP 450) is als regel een bruikbaar materiaal;
  • bij ijzerafzetting door oxidatie van oplosbaar tweewaardig ijzer (Fe2+) dient de bandbreedte te worden beperkt tot 700 – 1100 micron. Dan verdient polypropeenvezels 700 (PP 700) of polystyreen (PS 1000) aanbeveling;
  • organische omhullingsmaterialen zoals kokos zijn alleen bruikbaar bij tijdelijke drainage (5 tot 10 jaar)
  • aanleg in droge omstandigheden is belangrijker dan de keuze van het juiste omhullingsmateriaal.

Aanleg
De detaillering en aanleg van een drainageleiding hebben veel overeenkomsten met die van een infiltratieleiding. Besteed bij de aanleg vooral ook aandacht aan het omringende grondlichaam.
 
Gemeenten leggen drainage over het algemeen gelijktijdig met de riolering aan. Vervanging van de drainageleidingen kan tot hoge kosten leiden als u het riool of de weg niet tegelijkertijd vervangt. Door een beter toegankelijke plaats in het dwarsprofiel van de weg te kiezen, kunt u hiermee rekening houden.
 
B Toepassing 

C1.1 Mechanismen

Inzameling en transport van grondwater

 

Transport onder vrijverval
  Bezinking van zand en slib

C1.2 Neveneffecten

 
C2.1 Geometrie Afmeting minimaal 80 mm
  Minimale dekking buis 1,10 m
  Geen afschot
  Strenglengte afhankelijk van reinigingsmethode tot 100 m
  Doorspuitputten voor reiniging
C2.2 Stabiliteit Materiaal kunststof 
 

Fundering op staal met grondverbetering (zand)

C2.3 Voorziening Extra aandacht voor zand- en slibvang
  Markeren ligging doorspuitputte
C3.1 Techniek Leiding op rol 100 m
  Omhulling bij voorkeur kunststof
  Aanleg in open sleuf met speciale graafmachine in droge omstandigheden
C3.2 Procedure Testen bodem op aanwezigheid ijzer
C4.1 Beheer

Inspectie eenmaal per jaar (zand, slib, bladeren en verontreiniging)

 

Reinigingsfrequentie eenmaal per vijf jaar

Tabel A Reguliere toepassing drainageleidingen 

C Aanbevelingen
Gemeenten leggen drainage over het algemeen gelijktijdig met de riolering aan. Vervanging van de drainageleidingen kan tot hoge kosten leiden als u het riool of de weg niet tegelijkertijd vervangt. Door een beter toegankelijke plaats in het dwarsprofiel van de weg te kiezen, kunt u hiermee rekening houden. U kunt ook een infiltratieriool aanleggen dat u als drainagevoorziening gebruikt. Door de kleinere diameter zijn drainagesystemen kwetsbaarder dan infiltratieleidingen. Die kwetsbaarheid hangt niet alleen samen met het materiaal, maar ook met het geringe belang dat mensen eraan toekennen. Wanneer uitvoerders bij graafwerkzaamheden een drainageleiding kapot trekken, zien zij dit niet altijd als een probleem. Belangrijk is dus om de ligging en functie van drainageleidingen goed vast te leggen (verplichting volgens de grondroerdersregeling (WION)).

De standaarddoorspuitputten kunnen verdekt zijn aangelegd onder het straatoppervlak. Markeer deze doorspuitputten in het straatoppervlak of neem grotere putten met putdeksels in het leidingtracé op.

Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel