In hoeverre u drainage moet registreren in een beheersysteem, hangt af van het doel. Bepaal vóórdat u een beheersysteem opzet eerst waarvoor u het gaat gebruiken. Een beheersysteem kan variëren van het bijhouden van de exacte ligging tot het genereren van een onderhoudsplan op basis van leeftijd, storingen en klachten.
 
Voorbeelden van doelen zijn:
  • U wilt exact weten waar drainageleidingen liggen, bijvoorbeeld om graafschade te voorkomen of om als belang op te nemen in het kader van de WION (zie WION).
  • U wilt controleren of drainage functioneert door drainage-instelniveaus te vergelijken met gemeten grondwaterstanden.
  • U wilt uitgevoerd onderhoud en storingen bijhouden.
  • U wilt drainagebeheer afstemmen met rioolwerkzaamheden.
  • U wilt onderhoud plannen op basis van inspectiegegevens.
 
Naast de ligging van drainageleidingen kunt u in het beheersysteem de volgende technische kenmerken vastleggen:
  • Materiaal, diameter, drainage-instelniveau en drainage-aanlegniveau (bob), omhullingsmateriaal en jaar van aanleg.
  • Locaties van doorspuit- en inspectieputten.
  • Inspectiegegevens (zoals: jaar van inspectie, uitgevoerde activiteiten, geconstateerde knelpunten en herstelwerkzaamheden).
  • Jaar van doorspuiten en doorspuitfrequenties.
  • Storingen en klachten.
Exclusief voor leden
Geïnteresseerd in dit artikel? Log in!
En krijg toegang tot dit artikel en andere besloten delen van de website, met o.a. de kennisbank, beeldenbank en onderzoekspublicaties.
Vorige artikel Volgende artikel