Hier vindt u een overzicht van enkele begrippen met een toelichting omtrent afkoppelen.
|
afkoppelen |
scheiden van schoon en verontreinigd afvalwater gericht op een duurzame waterhuishouding |
|
afvoercapaciteit |
de maximale hoeveelheid water die een voorziening kan afvoeren, meestal uitgedrukt in l/s/ha of mm/u |
| berging | de nuttige inhoud van een voorziening voor het tijdelijk opslaan van water |
|
bladafscheider |
constructie in de regenwaterafvoer om het regenwater te ontdoen van grove delen zoals bladeren (ook: loofafscheider) |
|
bodem |
het natuurlijke deel van de aardkorst onder het maaiveld samengesteld uit vaste (minerale en organische) delen, water en lucht inclusief de daarin levende organismen |
|
bodemverontreiniging |
door infiltratie van regenwater worden ook verontreinigingen in de bodem gebracht; daarnaast kunnen bestaande verontreinigingen worden verspreid |
|
dimensionering |
voorzieningen worden berekend op een zodanige berging en afvoercapaciteit dat de maatgevende neerslagbelasting nog juist kan worden verwerkt |
|
doorlatendheid |
mate waarin de bodem of andere constructie water kan doorvoeren; meestal uitgedrukt in m/dag of m/s |
|
drainage |
constructies voor het afvoeren van overtollig grondwater; veelal uitgevoerd als geperforeerde kunststofbuizen met een omhullingsmateriaal |
|
dwa |
droogweerafvoer: de afvoer van een rioolstelsel bij droge weeromstandigheden, dus zonder afvoer van neerslag |
| dynamische berekening | (hydraulische) berekening waarbij de belasting in de tijd varieert; zo kan het gedrag gedurende meerdere jaren neerslag worden gesimuleerd |
|
filter |
In een regenwatersysteem aangebrachte voorziening ter reiniging van het regenwater; bijvoorbeeld een zandfilter of een koolstoffilter |
|
geotextiel |
al dan niet geweefd (kunststof) doek ter omhulling van een ingegraven constructie zodat geen grond in deze constructie (voorziening) spoelt (ook: geokunststof |
|
goten |
constructies ter geleiding van regenwater aan de oppervlakte, bijvoorbeeld in het midden van de straat; het zichtbaar houden voorkomt foutaansluitingen |
|
grasstenen |
elementen voor verharding van de oppervlakte met openingen waarin gras kan groeien zodat de verharding een natuurlijkere uitstraling behoudt en neerslag direct kan infiltreren |
|
greppel |
laagte in maaiveld ter berging en geleiding van waterstromen alsmede ter verbetering van de ontwatering van het aanliggend terrein |
|
grondwater |
het water in de bodem beneden de grondwaterspiegel (verzadigde zone), veelal een halve tot enkele meters onder het maaiveld; boven de grondwaterspiegel; het bodemvocht zit in de onverzadigde zone |
|
hemelwater |
neerslag; jaarlijks valt in Nederland gemiddeld zo'n 750 mm oftewel 750 liter per vierkante meter per jaar |
|
hergebruik |
nuttig gebruiken van hemelwater bijvoorbeeld voor toiletspoeling; collectieve hergebruiksystemen (huishoudwater) zijn niet toegestaan |
|
huishoudwater |
water van een mindere kwaliteit dan drinkwater voor laagwaardige toepassingen; collectieve levering van huishoudwater is verboden |
|
humus |
organisch materiaal in de bodem dat afbraak van verontreinigingen bevordert |
|
infiltratiebuis |
doorlatende leiding door poreuze wand of door openingen in buiswand waardoor water in de bodem kan infiltreren (eigenlijk: percoleren) |
| infiltratieput | (zakput) put voor infiltreren van regenwater of voorgezuiverd afvalwater |
|
infiltratiesleuf |
veelal met steenachtig aggregaat gevulde sleuf in de bodem voor het infiltreren van ingebracht regenwater |
|
infiltratie-unit |
veelal driedimensionale, kunststoffen constructie omhuld met geotextiel voor het creëren van ondergrondse berging voor regenwater; veelal blokvormig maar ook andere vormen als bollen en koepels (als verloren bekisting) worden toegepast |
|
infiltreren |
het in de bodem brengen van (regen)water; onderscheid tussen bovengronds (wadi's) en ondergronds infiltreren (buizen, sleuf of krat) |
|
KD-waarde |
produkt van doorlatendheid en laagdikte van watervoerende grondlaag uitgedrukt in m2 per dag als maat voor de hoeveelheid af te voeren water door de bodem |
| K-waarde | zie doorlatendheid |
|
ledigingstijd |
tijd benodigd voor het weer volledig ter beschiking komen van de berging nadat in gevulde toestand de belasting stopt |
|
neerslagintensiteit |
hoeveelheid neerslag per bepaald tijdsinterval veelal 5 minuten, een uur of een etmaal |
| O90-waarde | een maat voor de karakteristieke poriegrootte van een geotextiel |
|
olie afscheider |
installatie waarmee drijvende verontreinigingen kunnen worden verwijderd uit afstromend regenwater opdat dit (meer) geschikt wordt voor infiltratie |
|
opladen |
het verschijnsel dat door infiltratie van regenwater verontreinigingen (metalen)zich ophopen in of nabij de infiltratievoorziening; onderscheid tussen het opladen van de voorziening (b.v. wadi) en de bodem cq grondwater |
|
overloop |
constructie als onderdeel van een voorziening voor hemelwater om hoeveelheden groter dan de maatgevende af te voeren ter voorkoming van schade; bijvoorbeeld een hooggeplaatste leiding van een krat naar het riool |
| percoleren | het ondergronds in de bodem brengen van (regen)water, danwel toetreden van bodemvocht naar de verzadigde zone |
|
regenton |
voorziening die veelal ter ondersteuning van de communicatie (bewustwording) wordt ingezet; bufferende capaciteit is te verwaarlozen |
| regenwater | zie hemelwater |
| rwa | regenweerafvoer: de afvoer ten tijde van neerslag |
|
slibafscheider |
voorziening voor het laten bezinken of wegfilteren van slib (minerale en organische delen); slib dat in de infiltratievoorziening komt, beperkt de infiltratiecapaciteit |
|
slokop |
kolk geplaatst in een wadi als overloop; onderkant opening kolk bepaalt bergingsinhoud wadi |
|
smartdrain |
voorziening waarin het eerste (mogelijk verontreinigde) deel van de regenwaterafvoer anders wordt afgevoerd dan het overige regenwater |
| stationaire berekening | (hydraulische) berekening met een constante belasting |
|
uitlaat |
constructie voor het op oppervlaktewater lozen van regenwater; van belang is uitspoeling van de onderwaterbodem te voorkomen |
|
vegetatiedak |
plat of licht hellend dak beplant met vetplanten en/of gras; van een vegetatiedak stroomt nauwelijks regenwater af |
|
volumescheider |
Constructie bedoeld om het af te voeren regenwatervolume te splitsen in een (verwacht) schoner en minder schoon deel; vergelijk het verbeterd gescheiden stelsel. |
|
voorde |
verbinding van twee wadi's ter weerszijden ven een weg die tevens als (omgekeerde) verkeersdrempel werkt |
| voorziening | constructie voor behandeling, berging, infiltratie of afvoer van regenwater |
|
wadi |
(begroeide) verlaging in het maaiveld eventueel voorzien van ondergelegen infiltratievoorziening voor de berging, reiniging, infiltratie en zonodig afvoer van regenwater |
| waterdoorlatende verharding | verharding uit poreus materiaal |
| waterpasserende verharding | verharding met vergrootte voegen (middels nokken aan de zijkant van de stenen) waardoor het water infiltreert |
|
zandvang |
constructie voor het door stroomverlamming of filteren van zand en slib alvorens het greinigde regenwater wordt geïnfiltreerd |
|
zuivering |
reiniging van het regenwater door een slib- of olie-afscheider; ook in een humusrijke, goed doorwortelde bodempassage vindt reiniging plaats |